Niet het ergste nieuwjaar ooit

2000 was erger

Hoewel dit nu geen typisch oud en nieuw zal zijn, zal het (fingers crossed) niet mijn ergste nieuwjaar ooit zijn. Dat was 21 jaar geleden. Op 1 januari 2000 moest ik het ziekenhuis binnen. In oktober 99 had ik met mijn mobylette een lantaarnpaal gepast, met mijn hoofd nota bene. Een helm was toen nog niet verplicht. Met als gevolg dat ik meer dan 15 breuken had in mijn gezicht. Het was geen zicht.

Dit ben ik op 1 januari 2000 met een lek in mijn hoofd.

Wat niet zichtbaar was, was dat er een botje door mijn hersenvlies gespiest was. Ik verloor te pas en te onpas hersenvocht via mijn neus. En dat is gevaarlijk omdat je dan rechtstreeks besmet kan worden met meningitis of hersenvliesontsteking. Dat lek moest dus letterlijk gedicht worden. Op 2 januari ’s ochtends vroeg! Dus ik moest op 1 januari in het ziekenhuis zijn. Om mijn haar af te scheren. Opereren in je hoofd verloopt iets makkelijker als daar geen weelderige haardos in de weg zit. Ik weet niet of iemand zich dat nog herinnert, maar men vreesde toen de milleniumbug, men was bang dat computers zouden blokkeren om middernacht met de eentjes en de nulletjes, want er kwam voor de eerste keer een 2 voorop te staan… Grappig als je daar nu aan terugdenkt.

Ik ben hersteld, moest wel nog 2 jaar medicatie nemen tegen epilepsie. Op een laatste controle werd gezegd: “er zijn nog storingen in je hoofd, maar ze zijn niet meer van epileptische aard”. Ik heb met andere woorden een excuus om een beetje raar te doen.

Eén ding is niet hersteld, namelijk de verbinding tussen mijn twee neusvleugels. Ik mocht alles onder mijn linkerneusgat houden, ik rook niets. En ik heb serieuze experimenten gedaan, zelfs met ammoniak, maar niets. Je reukorgaan is verbonden aan je smaakorgaan en ook daar had dat gevolgen. Na weken ziekenhuiseten, was ik er zo op verheugd weer smakelijk te kunnen eten, maar wat een teleurstelling. Zelfs chocolade was niet meer lekker. Snif.

Nieuw normaal

Na een tijd kwam er een evenwicht, noem het een nieuw normaal, en koppelde ik opnieuw bepaalde smaken aan bepaalde etenswaren. Maar ik ben niet 100% zeker of dat dezelfde zijn van vroeger.

Waarom vertel ik dat nu allemaal. Wel omdat Peper ook met wijn te doen heeft. Peper: eat, sleep, wine, remember? Philip selecteert de wijnen en gaat die halen bij de wijnboeren. Maar ik maak de wijnbeschrijvingen (die kaartjes die in Peper boven de wijnmachine staan en die je kan meenemen). En met mijn neus is dat niet zo voor de hand liggend. Haha, over Philip zijn neus ga ik me niet uitspreken, maar ik vertrouw 100% op zijn wijnkeuzes.

Om die wijnbeschrijvingen te maken proef ik die wijnen. En proeven begint met ruiken. Waar ik altijd zo verwonderd over ben, is dat men van alles kan ruiken in een sap dat eigenlijk uit druiven bestaat. Dat is toch bizar dat men er overrijpe kersen, hooi of kreupelhout in ruikt. Ik krijg echt de zenuwen van sommige beschrijvingen: “een explosieve neus, met een aroma van gestoofde rode bessen en onrijpe perzik in combinatie met witte viooltjes, de smaak is vol met een aciditeit die mooi in evenwicht gehouden wordt door het ronde mondgevoel. De tannines zijn zijdezacht om tot een grootse finale te komen met een elegante afdronk.” Sorry, you lost me. Ik vind dat vermoeiend, om te lezen, en zeker om een wijn te kiezen als je door 20 van die homerische omschrijvingen moet spartelen.

Minder lyrisch

Ik schrijf minder lyrisch. Ik ben een vrouw van concrete woorden, mensentaal, woordcombinaties die ik kan snappen. En mijn vocabulaire om wijn te beschrijven is dan eerder simpel: het is een vette wijn (ander woord voor hoge viscositeit, plakkerig, stroperig), geen pompwater (wil zeggen dat je het niet drinkt als een rosé-aperitief met je vriendinnen), doet mijn mond niet samentrekken (wil zeggen dat er niet te veel tannines in zitten).

En dat wil niet zeggen dat ik geen verbeelding heb, in tegendeel. Ik vertel heel graag over waar we de wijn ontdekt hebben, wat er bij past om te eten, welke druiven, van waar de wijn komt, wie de maker is, wat er speciaal is aan de fles, het etiket, het domein.

Maar met veel verbeelding

Soms is mijn verbeelding zelfs iets te, maar zo zou ik Les Bourdes omschrijven. Niet persé de smaak van de wijn (die top is by the way), maar de setting. Ik zou me direct in die setting willen verplaatsen. Lees even mee. 

Het is herfstvakantie, je zit in Frankrijk, midden in de bossen. Je komt net terug van een wandeling met je partner en hebt paddenstoelen geplukt. Het is wat regenachtig koud, maar je hebt genoeg warme kleren aan. Je bergbottinnes zitten onder de modder. Het begint te schemeren. Je doet die zware houten deur van de chalet open en in het kleine gangetje doe je bottines en goretex jas uit. Je sjaal en je dikke sokken laat je nog aan. De kachel brandt nog, je legt er een blok hout op en je gaat er even voor staan om je te verwarmen. Voor de wandeling heb je een stoofpotje gemaakt en dat zet je nu op de kachel om nog een uurtje of twee te sudderen. Je steekt een kaars aan en je gaat naar de kast om 2 wijnglazen en je trekt Les Bourdes open. Je ruikt lang aan het kurk en en schenkt een klein slokje uit om te proeven. Het inschenken maakt zo’n mooi geluid. Je proeft en je verschiet van die eerste dronk, maar je weet direct dat het goed zit. Dan schenk je bij en neem je een pan om de paddenstoelen die je geplukt hebt klaar te maken. Goeie olie, wat look, de paddenstoelen en peterselie. Je neemt 2 bordjes en brood en geeft een bord aan je partner in de feauteuil aan de andere kant van de kachel. Je zegt dat je morgen de andere kant van het bos wil verkennen. Het gaat niet regenen.

pexels-pixabay-263022

Overtuigd ? Meet Les Bourdes (100% Cabernet franc, Jaulin-Plaisantain). Hij zit momenteel in ons Peper trio bio-pakket, maar je kan hem ook apart kopen. Wat men er officieel van zegt : donkere tint die concentratie doet vermoeden. In de neus donker fruit en violet. In de mond kers, donker fruit en bosgrond. De textuur is iets lichter dan de neus doet vermoeden, maar blijft toch hangen. Het is de broer van L’Enfer, maar met een zachter en toegankelijker karakter. 

Als je meer beschrijvingen wil zien, ze staan bij de wijnpakketten en binnenkort ook in Peper boven de wijnmachine. Lees ze gerust na of neem ze mee als je bij ons bent. We stoppen ze ook in de wijnpakketten. Vind je het gezever, no offense, op de fles vind je ook nog de klassieke uitleg en op tinernet vind je ook nog het een en het ander.

Laat weten hoe jij wijn beschrijft of wat je wel of niet goed vindt aan wijnbeschrijvingen.

PS: al een geluk dat ik Philip zijn omschrijvingen niet overneem, hij spreekt over p*rn*wijn. Voor hem is dat witte wijn die lang gerijpt heeft op eiken vaten en die echt wel een serieus kaliber van smaken loslaat van zodra je het in je mond hebt. Een beetje sterke drankneigingen heeft. Als het niet zo zwaar is, noemt hij het licht erotische wijn. Ehum, ieder zijn vocabulaire.

Doei!
Stefanie

Van 1 januari tot 20 januari zijn we er even niet. Enfin, Peper is gesloten. Even wat rusttijd. Goh, moesten we kunnen champignons plukken, weet ik wat er bij te drinken. Ik zou wel graag even verdwijnen in bos, natuur en wijn.

PS: je mag je altijd inschrijven op de Peperbrief, dan stuur ik je af en toe wat meer over wijn. De ene keer meer lyrisch dan de andere.

Delen?

Leave a Reply